n°196 | Thuis

Wat is thuis? Geen evidente vraag, en toch is ze vandaag prangender dan ooit. In onze tijd worden woningen steeds duurder, wordt de bewoonbare oppervlakte schaarser, en houden onze muren de wereld niet langer buiten. Het lijkt wel of thuis een huizengrote utopie aan het worden is. Een geglobaliseerde wereld waar volgens kunstfilosoof Peter Osborne (2013) ‘alles, overal, en steeds tegelijk is’, ligt ten grondslag aan een rusteloze, haveloze toestand, waarin we ons afvragen of en waar we nog thuis kunnen komen.

Via onze beeldschermen kunnen we toekijken hoe er in landen als Libanon, Oekraïne, Palestina, Soedan, Syrië, en Yemen geregeld thuisen worden kapotgemaakt. Klimaatverandering drijft op zijn beurt gezinnen, families en gemeenschappen van een grond die zij ooit thuis noemden. Tegelijkertijd wordt ons thuisbeeld quasi uitsluitend gevoed door clichés. ‘Nergens beter dan thuis,’ klinkt het omstreeks half acht ’s avonds in Vlaamse huiskamers, wanneer de soap Thuis begint. 

In DEM 196 stellen we ‘thuis’ in vraag. Wat betekent ‘thuis’ vandaag? Hoe kunnen we een thuis maken die voldoende in- en niet alleen maar uitsluit? Hoe waarborgen we het menselijke in een thuisloze omgeving? Kunnen we het ons nog veroorloven ons van de buitenwereld af te sluiten om thuis te kunnen zijn? En is elke thuis gelijk?